Archief | november, 2017

Post!

28 nov

Sinds een maand heb ik een bijbaantje. Twee keer per week bezorg ik post in een vaste wijk in Nijmegen. Want er moet natuurlijk wel brood op de plank komen en hiermee kan ik het beleg betalen. Je krijgt de post aangeleverd in kratten waarop je vervolgens gaat sorteren op straat en nummers. Volgens een geniale wiskundige berekening dacht ik met zo weinig mogelijk verlies de perfecte looproute gevonden te hebben.

En daar ging ik. Niet per fiets met de obligate zeilen kleptassen maar met een ouwe mevrouwen boodschappentrolley. Uiteraard opgepimpt met veelkleurig Mexicaans tafelzeil.

Het is een hele aparte cultuur, dat postbezorgen. Op Internet vond ik allerlei sites en op de werkvloer had ik meteen een band met collega’s van de concurrerende bedrijven. De Marokkaanse jongen met de bus voor pakketjes, de in elkaar gezakte man met zijn scootmobiel en de chagrijnige vent op de fiets die bijna dezelfde route deed als ik. Je groet elkaar, iedere straathoek weer!

Natuurlijk is het niet altijd mooi weer. Dat merkte ik vorige week toen ik in de stromende regen rondliep, mijn leesbril helemaal natgespetterd waardoor ik niks meer zag en alle post verkeerd bezorgde.

Daarnaast heb je de ellende van de geborstelde gleuf. Van die brievenbussen met stevig kokoshaar om tocht te weren. En mijn hand. Probeer daar maar eens een envelopje van de Belastingdienst in één vloeiende beweging naar binnen te krijgen. Harmonica gevouwen valt het uiteindelijk op de mat.

En omdat meer dan de helft van mijn wijk een pitbull als huisdier heeft word je halverwege het naar binnen schuiven van die blauwe envelop gegrepen door venijnige hondentanden. Oké, ze missen mijn vingers op een haar na maar de belastingaangiftebrief is verwoest.

Toch is het leuk werk. Lekker lopen, overpeinzen, conditie opbouwen en Zen. Dus daar loop ik met mijn kleurknallende trolliewollie, in bloemetjesjurk met cowboylaarzen. Vanochtend stond ik verdwaasd te kijken naar een serie postbussen van een flat. Er kwam een oud mannetje voorbij die mij wel even helpen zou want hij kende iedereen in de flat. Ik zei: “Wat een rare nummering”.  Waarop hij zei: “Maar jij bent ook een rare postbode.”

De vrienden van Pieter.

11 nov

NV

8 nov

De letters van mijn nieuwe postcode zijn NV. Naamloze Vennootschap was het eerste wat ik dacht. Maar vrij snel daarna bedacht ik Nieuwe Vrouw. Want hier, in mijn nieuwe huis, begin ik niet overnieuw maar wel verder én anders. Ik ben niet meer wie ik was. Er is een stukje kwijt dat ik nooit terug zal vinden. Toch moet ik verder zonder dat verdomd belangrijke stukje. Vandaar dat ik een Nieuwe Vrouw zal worden, ben.

Nooit Vergeten. Natuurlijk niet, ik zou niet kunnen. Maar hier, waar ik nu woon, ben jij nooit geweest. Deze deur heb je nooit eens woedend achter je neergeknald. Op deze wc-vloer heb je nooit naast de pot gepist. Hier heb je nooit gehuild en ook nooit gelachen. Toch ben je hier bij me. Er hangen foto’s van je aan de muur alsof ik ooit vergeten zou hoe je eruit zag.

Na Verdriet. Ik ben nog niet na mijn verdriet. Ik denk dat ik dat ook nooit zal zijn. Nog steeds voel ik de pijn daadwerkelijk in mijn lichaam, nog steeds schrik ik van de zin “Pieter is dood”. Maar ik heb geleerd het overdag ergens te parkeren. Als ik iets anders moet doen. Zoiets simpels als boodschappen. Ik kan natuurlijk niet iedere keer jankend Radlertjes in mijn boodschappenwagentje mikken of snikkend langs de magnetron hamburgers lopen. Ik kan zelfs plezier hebben in dingen, ik kan lachen ook al vinden sommige mensen dat vreemd. Maar die hebben dan ook geen kind verloren.

Nu Verder. Ja, ik zal wel moeten. Jij zou de eerste zijn die me een schop onder mijn kont zou verkopen als ik hier zielig zou zitten doen in mijn flatje. Carpe Diem was niets voor niets je lijfspreuk. Dus ik pluk de dag als ik ’s ochtends met betraande ogen wakker word. Ik pluk de dag en zet hem in een vaasje op tafel. Soms heb ik geen zin om te plukken maar gelukkig zijn er 365 dagen in één jaar. Ik mis je, lief kind.